? Boerderij

Moppenarchief

Mop 36
Twee boerenjongens uit Twente staan samen op de akker. "Weje nog," zegt de ene boer,
"dat we vorige week noar Amsterdam zijn gweest voor die boer'ntentoonstelling?" "Ja,"
zegt de ander, "da wee'k nog goed. Toen kreg'n we na afloop zin in feest'n, he?"
"Krek," zegt de een, "toen zijn we noar de Wallen 'weest. En heb jij toen bij die
vrouwtjes ook zo'n ding om de slurf 'had?" "Ja," zegt de ander. "Hoe heet dat ook
weer?" vraagt de een. "Een condoom," zegt de ander. "En waar is da ook alweer voor?"
"Da's da we gien kinder'n kraig'n," zegt de ander. "Kinderen of gijn kinderen, ik hol
'm d'r ne af want ik mot pissen as 'n reiger."
ID: 589
Mop 37
Er staat een boer bij een waarheidsmachine op de Pier van Scheveningen. Gooi je er een
kwartje in, dan mag je een vraag stellen. Die boer zegt: "Waar is m'n vader?" Waarop
die waarheidsmachine antwoordt: "Die staat te vissen op de Pier in Vlissingen." Zegt de
boer: "Haha, m'n vader is al lang dood." Zegt de exploitant van die machine: "Ik snap
het niet. Dat ding is goed, mankeert niks an. Weet u wat u doet? Formuleer de vraag eens
anders." "Ok'," zegt die boer en hij gooit er weer een kwartje in. Vraagt-ie: "Waar is de
wettige echtgenoot van m'n moeder?" Zegt dat apparaat: "Die is dood. Maar je vader
staat te vissen op de Pier in Vlissingen."
ID: 588
Mop 38
Een boer moet een keer naar Amsterdam. Hij belandt op de Wallen en gaat daar eens
flink tekeer. Twee weken later stopt er een Caddilac bij zijn boerderij, er stapt een louche
figuur in een bontjas uit en belt aan. De boer doet open. "Wat is er?" vraagt de boer. "Jij
bent twee weken geleden op de Wallen geweest, he?" zegt de man. "Niet zo hard," zegt
de boer, "mijn vrouw staat in de keuken." "We hebben toen wat fotootjes van je
gemaakt," gaat de man verder, en laat wat foto's zien: "Dat gaat je verschrikkelijk veel
geld kosten." De boer kijkt naar de foto's en zegt: "Ja, daar wil ik er ''n van, o, en die
ook, en daarvan een vergroting..."
ID: 587
Mop 39
Een Amerikaanse piloot springt uit zijn brandende vliegtuig en komt boven op een
Nederlandse boerderij terecht. De boerin loopt naar buiten: "Bert, we hebben geloof ik
een piloot op het dak." De boer komt ook kijken. De piloot komt naar beneden en zegt:
"I'm hungry." "Ik geloof dat 'ie honger heeft," zegt de boerin. Ze nemen de piloot mee
naar binnen en geven hem te eten. Daarna zegt de piloot: "I'm sleepy." "Snap jij wat hij
zegt?" vraagt de boer. De piloot maakt het slaap-gebaar en zegt: "I'm sleepy." "O, hij
heeft slaap," zegt de boerin. "Da's wel een probleem," zegt de boer, "want we hebben
maar een bed." "Weet je wat?" zegt de boerin: "We laten de piloot naast mij liggen en dan
ga jij overdwars aan het voeteneind." Zo gezegd, zo gedaan. De piloot heeft wel slaap,
maar kan het toch niet laten om aan de boerin te zitten. Hij pakt haar bij een borst en
zegt: "What's that?" "Da's m'n rechter mem," zegt de boerin. "Nice rechter mem." Hij
pakt haar andere borst: "What's that?" "Da's m'n linker mem," zegt de boerin. "Nice
linker mem." De piloot laat zijn hand naar beneden zakken. "What's that?" "Da's m'n
buik." "Nice buik." Zijn hand zakt nog verder naar beneden. "What's that?" Zegt de
boer: "Da's mijn grote teen, en die blijft daar zitten tot morgen."
ID: 586
Mop 40
Een veehandelaar wil bij een boer wat vee gaan kopen. "Ik zou graag een big willen
kopen," zegt de veehandelaar. "Dat kan," zegt de boer, "ik verkoop hier per gewicht: ik
vraag drie gulden de kilo." "Best," zegt de veehandelaar en wijst naar een big: "Hoe duur
is dat big?" De boer pakt het big, stop zijn staart in zijn mond, laat het big los, zodat 'ie
aan de tanden van de boer bungelt. Daarna zet de boer het big weer op de grond en zegt:
"Dat big weegt 19 kilo, dus dat kost je 19 x 3 gulden, is..." "Ja, wacht eens even," roept
de veehandelaar, "dat is toch geen manier van een big wegen?" "Hoezo?" zegt de boer,
"geloof je me soms niet? Ik zal er wel een weegschaal bijhalen, hoor, ongelovige
Thomas." De boer haalt een weegschaal, zet het big erop: het weegt precies 19 kilo,
schoon aan de haak. "Dat is verbluffend," zegt de veehandelaar: "en hoeveel weegt dat
big daar dan?" De boer pakt het big, neemt zijn staart in zijn mond en weegt het beest.
"Deze big weegt 22 kilo." Daarna wordt het big op de weegschaal gezet: inderdaad
precies 22 kilo. "Dan wil ik wel het een en ander bij u kopen," zegt de veehandelaar.
"Dat is goed," zegt de boer, "maar dan moeten we eerst eens een bakkie koffie drinken.
Ik stuur mijn zoon wel even." En tegen zijn zoon zegt de boer dat hij bij moeder even
twee bakken koffie moet gaan halen. Even later komt de zoon met lege handen terug. "Ik
zei toch dat je koffie bij moeder moest gaan halen?" zegt de boer. "Tja," zegt de zoon,
"maar ik denk dat moeder daar nu even geen tijd voor heeft." "Wat is ze dan aan het
doen?" vraagt de boer. "Ik weet het niet zeker," zegt de zoon, "maar volgens mij staat ze
de postbode te wegen."
ID: 585